menu
menu

Trapper

next
next


Uit: ONS VOORGESLACHT
Orgaan van de Zuidhollandse Vereniging voor Genealogie
No. 394 44e Jaargang mei 1989

door Mr. J.J.F. LOTS

Inleiding

In de tweede helft van de 16e eeuw woonde in Vlaardingerambacht een Adriaen Claesz, die ter onderscheiding van zijn naamgenoten ook genoemd werd: Adriaen Claes Gillisz (Trapper). Deze Adriaen Claesz, die gelet op zijn aanzienlijke grondbezit het beroep van bouman uitoefende, komt in vele Westlandse kwartierstaten voor; ook in die van samensteller dezes. Hij draagt een intrigerende bijnaam of toenaam. Hoe laat die naam zich verklaren? Het Woordenboek der Nederlandsche Taal omschrijft trapper als iemand die de blaasbalg van een orgel trapt of in een tredmolen loopt. Daarbij rijst dan de vraag of dat woord al in die betekenis in de 16e eeuw voorkomt. Bij de etymologische verklaringen van het woord "trap(pen)" volgen betekenissen als: luid stappen, trappen, stampen, in zijn macht krijgen, vinden, betrappen, naast het oudengels treden, vangen in een strik. Bij het woord trap volgen verklaringen als: trappe, sport, knip, val, trap, strik. En dan zou "trapper" kunnen betekenen: vallenzetter, strikkenzetter. Daarop wijst ook de naam van buitendijks in de kooien te West-Zaandam gelegen land geheten "Die Trapperskoye" (1628) en "'t oostend van trappersven" (1629). De kooien waren bestemd voor het houden van gevogelte.

Van dit geslacht is geen wapen bekend. Wel kennen we een huismerk, dat te vinden is op een grafzerk in de Nederlands-Hervormde Kerk te Vlaardingen, die eertijds het graf bedekte van Claes Adriaensse Oude Trapper. Hoe fascinerend zijn naam ook was, over het voorgeslacht van Adriaen leek niets meer te achterhalen. Aannemelijk was, dat zijn vader Claes Gillisz. zou heten, maar wie dat was en waar hij woonde, scheen in het stof der eeuwen verdwenen. Bronnenpublicaties in ons blad stelden mij onverwacht in staat meer over zijn voorgeslacht te weten te komen. De verbindende schakel vormt een stuk grond, groot 4,5 morgen gelegen aan de Zouteveenseweg, dat in het midden van de 15e eeuw aan zijn familie in eigendom toebehoorde en na overdracht aan de Heilige Geest te De Lier nog in 1562 binnen de familie in pacht werd gebruikt. Daarnaast speelden twee akten van 26-07-1536 en 02-02-1543 een rol. Ik wil U nu graag meenemen op een kleine tocht in het verleden.

Genealogie:

1. Gielis N.N. De Heilige-Geestmeesters van De Lier verwerven in 1485 door aankoop van Symon Gielisz 4,5 morgen land aan de Zouteveenseweg, gemeen met Pieter Gielisz's erfgenamen, Cornelis Gielisz, Dirck Doesz, Claes Coppie Arntsz en Claes Dircxz.
Het lijkt aannemelijk te veronderstellen, dat hier de kinderen en schoonzoons van een verder onbekende Gielis worden opgesomd. Dat wordt op interessante wijze bevestigd door het bewaard gebleven memorieregister van de kerk te De Lier, waar Dirck Doesz met zijn familie is terug te vinden. Dirck Doesz, waarschijnlijk zoon van Doe Claesz en Ymme, was gehuwd met Marigen Gillis. Hij heeft een broer, Heer Jan Doesz, terwijl zijn kinderen Jan, Gilis en Doe heten. Gielis N.N. moet in ieder geval vóór 1485 zijn overleden.

Als Gillis Symonsz, schout van Vlaardingen in 1514 en schepen in 1522/1523, een nakomeling is van zijn zoon Symon, zou Gielis N.N. rond 1395/1400 geboren zijn. Immers Gillis Symonsz was in 1514 61 jaar oud en is dus ca 1453 geboren; zijn vader zou dan ca 1425 het levenslicht hebben aanschouwd en zijn grootvader ca 1395/1400.
2. Pieter Gielisz. Hij is overleden in of vóór 1485. Voor zijn zoon is te houden:

3. Gielis Pietersz.
Hij is pachter aan de Zouteveenseweg en woont in 1515 op de Zouteveen. Hij kan niet identiek zijn, wat ik aanvankelijk had aangenomen, met een Gielis Pietersz, die op 16-12-1483 de helft van een windmolen en molenerf buiten de Waterslootpoort te Delft koopt van Jan Roe Gerijts. De Molenwerf verkoopt hij op 03-10-1486 aan Cornelis Mathijsz. Deze Gielis heeft te sterke bindingen met Delft. Op 26-07-1536 oorkonden schout en gezworenen van Zouteveen, dat Cornelis Pietersz te Papsou met als borgen de broers Pieter Gillisz, Anthonis Gillisz en Claes Gillisz, verkoopt aan Heer Vincent Willemsz te Delft een jaarrente van 6 karolus guldens te lossen de penning verzekerd op 2 morgen land aldaar, gemeen met Ouwe Vrancken en verpacht aan Anthonis Gillisz. Op 02-02-1543 treden als borgen voor Jan Symonsz op de orsmolen te Zouteveen op: Pieter Pael, Pieter Gillisz, Claes Gillisz, Anthonis Gillisz, Cornelis Pietersz te Papsou en Maritghe, de weduwe van Willem Henricksz.
Op grond van de in 1536 en 1543 afgegeven borgtochten heeft Gielis Pietersz na te noemen kinderen:

I. Pieter Gielisz, volgt IVa.

II. Claes Gielisz, volgt IVb.

III. Anthonis Gielisz, volgt IVc.

IV/VII. Naar alle waarschijnlijkheid 4 dochters gehuwd met respectievelijk Jan Symonsz, Pieter Pael, Cornelis Pz en Willem Henricksz.
IVa. Pieter Gielisz.
Gezworene te Zouteveen 1543. Hij is op 26-07-1536 met zijn broers Anthonis en Claes borg voor Cornelis Pz te Papsou.
Op 04-05-1540 wordt hij vermeld als medevoogd van de weeskinderen van Jannetgen, Maertijn Hermansz, weduwe te Vlaardingen.
Op 02-02-1543 treedt hij met zijn broers en zwagers op als borg voor Jan Symonsz op de orsmolen te Zouteveen.
IVb. Claes Gielisz.
Op 30-06-1526 wordt hij voor het eerst vermeld als wonende te Vlaardingen, waarschijnlijk de stad Vlaardingen vertegenwoordigd.
Een Claes Gyelisz heeft in 1533 een schuld aan de weeskinderen van Cornelis Robbrechtsz (Neel Robben), nog als zodanig vermeld op 05-01-1536 en 19-12-1539. Hij is op 26-07-1536 met zijn broers borg voor Cornelis Pietersz te Papsou en op 02-02-1543 met zijn broers en zwagers voor Jan Symonsz op de orsmolen te Zouteveen.
Hij pacht samen met Doe Aertsz in de periode 1539-1541 van de Domeinen een hofstad in Vlaardingen tegen 6 schellingen per jaar.
Hij heeft in 1539 aan de Lepeltacxdam in Vlaardingerambacht (deels liggend binnen Vlaardingen) in gebruik: ca. 4,5 morgen eigen land en ca. 18,5 morgen-huur-/pachtland.
Hij is overleden vóór 1549, zijn land vermeld in de Hoefslagregisters van Delfland staat dan op naam van zijn zoon Adriaenz.

Zijn zoon: 1. Adriaen Claes Gillisz Trapper, volgt V.
IVc. Anthonis Giek.
Op 02-02-1543 is hij medeborg voor Jan Symonsz op de orsmolen te Zouteveen. Op 11-01-1548 wordt hij vermeld als medevoogd van de weeskinderen van Pieter Duessz en Maergen (Cornelisdr) te Vlaardingen; op 18-01-1549 is hij aanwezig bij het sluiten van de rekening betreffende deze kinderen. Hij was gegoed te Zouteveen en is overleden vóór 1555.

Kinderen (voor zover bekend):

1. Gyllis Anthonisz, bouman te Zouteveen. Hij is in 1555 gerechtigd in de boedel van zijn vader. Daartoe behoort ondermeer een huis met 7 morgen eigen land en ca 38 morgen huur-/pachtland, waarin begrepen is 4,5 morgen land, gepacht van de Heilige Geest in De Lier. In 1561 heeft Gyllis Anthonisz naast 14 morgen eigen land met huis, schuur, barg en geboomte in Zouteveen nog in huur/pacht ca 50,5 morgen, inclusief de 4,5 morgen van de Heilige Geest in De Lier. Dit land hadden de Heilige Geestmeesters in De Lier in 1485 aangekocht van Symon Gielisz, zoals hiervan onder 1. omschreven. Het moet al gepacht zijn door zijn grootvader Gielis Pietersz, die naar wij nu mogen aannemen, zoon is van Pieter Gielisz. En zo vormt dit land de verbindende schakel in de genealogie van de familie Trapper.
V. Adriaen Claes Gillisz Trapper, bouman in Vlaardingerambacht.
In de hoefslagregisters van Delfland van 1549 wordt Adriaen Claesz vermeld met het land aan de Lepeltacxdam in Vlaardingerambacht (deels liggend binnen Vlaardingen), in 1539 toebehorend aan zijn vader Claes Gillisz en wel ca 4% morgen eigen land en ca 18% morgen huur-/pachtland. In 1553 en 1558 is hij gegoed in Huytgenshoeck in Vlaardingerambacht met een huis met 28 resp. 27 morgen eigen land en nog ca 16 resp. 13 morgen huur- en pachtland alsmede een grof- en een smaltiende. In 1561 woont hij over de Maaslandseweg in de polder Hoogstad in Vlaardingerambacht en heeft ca 34 morgen eigen land en ca 13 morgen huur-/pachtland in gebruik. Hij verhuurt ca 1 fi morgen land. In de periode 1549-1560 wordt hij vermeld als pachter van de Domeinen met betrekking tot tienden in Vlaardingerambacht. Op 31-01-1554 st.cur.holl. wordt Adriaen Claes Gillisz vermeld in de registers van het hoogheemraadschap Delfland; op 03-04-1556 st.cur.holl. is hij ingeland van het buitenland genaamd "Den Ouden Vettenoort". Hij is samen met Adriaen Ariaensz op 02-05-1554 als accordant aanwezig bij de uitkoop van de kinderen van Pieter Aertsz Puls en wijlen Neeltgen Gerritsdr te Vlaardingen. Hij is overleden vóór ca 1580 en huwt Maritgen Jacobsdr, ook genoemd Maritgen Ariensdr, die eveneens vóór ca 1580 is overleden.

Kinderen (volgorde niet bekend):

1. Claes Adriaensz Oude Trapper, overleden vóór ca 1580 en begraven in de Hervormde Kerk te Vlaardingen onder een zerk met een huismerk.

2. Beha (Belitgen) Adriaensdr Trapper, overleden in 1611 en begraven te De Lier (Nieuwe Kerk). Zij huwt eerst Lenert Philipsz Rodenburg, bouman en gegoed te De Lier. Hij is baljuw en schout van De Lier en Zouteveen en is lid en gildemeester van Sint Jorisgilde (1572) te De Lier. Hij is overleden vóór 25-04-1591. Zij huwt voor de tweede maal te De Lier op 12-05-1591 Huybrecht Pietersz van der Valck, met wie zij op 25-04-1591 huwelijkse voorwaarden maakt. Huybrecht Pietersz van der Valck is Heilige Geestmeester te De Lier (1598), overleden na 20-04-1619.

3. Claes Adriaensz Jonge Trapper, volgt VI.

4. Jannetgen Adriaensdr, vermeld ca 1580, overleden vóór 05-02-1596. Zij huwt Adriaen Cornelisz Jonge Knecht, overleden vóór 28-08-1610.

5. Lijsbet Adriaensdr, vermeld ca 1580. Als voogden van Jannetgen en Lijsbet treden in 1580 op: Arien Ariensz en Cornelis Touwesz te De Lier.
VI. Claes Ariensz Jonge Trapper, geboren in de Zuidbuurt van Vlaardingerambacht.
Hij is bouman en is sedert ca. 1580 gegoed te Vlaardingerambacht, in de polder van Huitgenshoek en de Groot-Vettenoordpolder. Daar beschikt hij over de ouderlijke woning en erf met 34 morgen eigen land met een veestapel en nog de bruikwaar van 13 morgen land. Hij pacht van het Weeshuis te Schiedam 3 morgen land in Vlaardingerambacht (ti binnen- en % buitendijks) en wordt als zodanig vermeld in 1605.

Hij huwt eerste maal Aeltgen Pietersdr, overleden vóór 28-07-1580. In tweede echt is hij gehuwd met Maritgen Bastiaensdr, dochter van een in Schipluiden gegoede Bastiaen N.N. Maritgen blijkt al in 1580 gestorven te zijn. Het huwelijk was kinderloos. Voor de derde maal is hij gehuwd met Grietgen Michielsdr, weduwe van Claes Lenertsz, overleden vóór 22-02-1581. Grietgen, die een broer Jan Michielsz heeft, is een dochter van Michiel Jaspersz en Maritgen Vrancken. Michiel was eigenaar en bruiker van in Maasland en Vlaardingerambacht gelegen onroerend goed. Grietgen is overleden vóór 26-01-1611. Hij is schepen van Vlaardingerambacht in de periode van 1581-1614. Als ambachtsbewaarder van Hoochstat en Vlaardingerambacht komt hij voor in 1586 en als Heilige Geestmeester van Vlaardingerambacht in 1595. Hij koopt op 13-12-1615 huis en erf in de Ommeringh van de kerk binnen Vlaardingen. Hij wordt poorter van Vlaardingen op 03-0l-1618 en is overleden na 22-02-1619.

Kinderen uit het eerste huwelijk (volgorde onbekend):

1. Adriaen Claesz, volgt VIIa.

2. Maritgen Claesdr, vermeld 28-07-1580.

Kinderen uit het derde huwelijk (voorzover bekend):

3. Claes Claesz, volgt VIIb.
VIIa. Adriaen Claesz Jonge Trapper.
Vermeld sedert 28-07-1580. Hij is vanaf 31-12-1610 leenman van Honingen met een 1/2 morgen land in Zuid-Maasland en koopt op 05-11-1611 van Gerrit Jansz Vercroft een huis te Maasland. Hij is overleden vóór 01-05-1628. Hij huwt Maertgen Cornelisdr van der Velde, afkomstig van Maasland, die op 01-05-1628 beleend wordt met het leen van Honingen. Zij is overleden na 28-03-1650

Kinderen:

1. Belia Adriaense Trapper, huwt Claes Engelsz Buyt. Dit echtpaar woont in 1620 te Zoetermeer.
VIIb. Claesz Claes Jonge Trapper, geboren te Vlaardingerambacht ca 1593.
Bouman in de Zuidbuurt te Vlaardingerambacht, overleden voor 07-04-1643. Hij pacht sedert 22-02-1619 met consent van zijn vader de 3 morgen land in Vlaardingerambacht, die aan het weeshuis te Schiedam toebehoren. Het land wordt op 28-02-1640 verkocht, op welk tijdstip Claes Trapper nog pachter moet zijn. Hij bezit in 1625 in de polder Hoogstad 26 morgen land. Op 12-10-1628 wordt hij vermeld als oostelijke belender van 11 morgen leenland, gelegen tussen de zeedijk en de Zuidbuurtseweg in Vlaardingerambacht, toebehorend aan de Heren van Matenesse. Hij testeert samen met zijn echtgenote op 23-04-1641; het echtpaar heeft dan 7 kinderen in leven. Hij wordt op 06-10-1635 vermeld als voogd van Abraham Jansz. Diens broers Michiel Jansz en Joris Jansz zijn voogd van de kinderen Claes Claesz Trapper. Abraham, Michiel en Joris zijn kinderen van Jan Michielsz en Neeltgen Jorisdr. Deze Jan Michielsz is de broer van Grietgen Michielsdr, de derde echtgenote van Claes Arensz Jonge Trapper. Claes Claesz Trapper huwt Grietje Dicksdr van den Bosch, overleden voor 22-01-1652, dochter van Dirck Boensz van den Bos. Zij huwt voor de tweede maal te Vlaardingen (ondertrouwd 28-11-1643) Willem Pietersz Buysch, weduwnaar, woonde in Naaldwijk, en in derde echt Vlaardingen (ondertrouwd 21-04-1645) Dirck Thomasz, waarschijnlijk weduwnaar van Neeltgen Lenartsdr Wittehol.

Kinderen:

1. Grietgen Claesdr Trapper, overleden voor 27-05-1656. Zij huwt eerst Vlaardingen (ondertrouwd 28-10-1639) Dirck Gerritsz Peurman, jongeman wonende in het ambacht van Maasland. Hij is achtman van Vlaardingerambacht (1652) en is overleden voor 26-02-1653. Uit dit huwelijk wordt een dochter Lijsbet geboren, die ook genoemd wordt Lijsbet Dircksdr Trapper, echtgenote van Sr. Joris van Eeckeren. Grietgen Claesdr huwt voor de tweede maal Vlaardingen (ondertrouwd 24-05-1653) Jan Cornelisz Holierhoeck, jongeman wonende in het ambacht van Maasland. Hij hertrouwt Vlaardingen (ondertrouwd 27-05-1656) Aeffgen Jorisdr, jongedochter.

2. Maertgen Claesdr Trapper. Zij huwt Vlaardingen (ondertrouwd 24-04-1643) Daniel IJsbrantsz, jongeman woonde in het dorp Maasland.

3. Aryen Claesz Trapper, bouman te Vlaardingerambacht (1657-1660), wonende te Delft (1664), Vlaardingen (1669). Hij huwt eerst Vlaardingen (ondertrouwd 20-04-1648) Ariaentje Ariensdr Moyman, jongedochter wonende in Vlaardingerambacht, dochter van Aryen Aryensz Moyman en Lijsbet Jansdr. Hij huwt in tweede echt Vlaardingen (ondertrouwd 27-04-1669) Maertje Gerritsdr, weduwe te Vlaardingen.

4. Annetgen Claesdr Trapper. Zij huwt Vlaardingen (ondertrouwd 11-01-1648) Dirck Leendertsz Verdoes, jongeman wonende in Vlaardingen. Hij hertrouwt Vlaardingen (ondertrouwd 07-05-1667) Annetje Hendricksdr Van Leeuwe, weduwe te Maassluis.

5. Maerten Claesz Trapper, geboren in Vlaardingerambacht, wordt poorter Vlaardingen 09-12-1649. Hij is meester timmerman en is overleden na 04-04-1666. Hij huwt Vlaardingen (ondertrouwd 13-03-1649) Eva (Ieffgen Arentsdr Moyman, jongedochter wonende in Vlaardingerambacht, dochter van Aryen Aryensz Moyman en Lijsbet Jansdr.

6. Claes Claesz Trapper, schoenmaker in Maasland (1658), overleden voor 22-11-1683. In een akte van 18-01-1658 is sprake van een oude AD 04-07-1550 gedateerde opdrachtbrief t.b.v. Adriaen Claesz Trapper, de overgrootvader van vaderszijde van Claes Claesz Trapper.

7. Dirckgen Claesdr Trapper, overleden voor 09-11-1670. Zij huwt Vlaardingen (ondertrouwd 29-12-1656) Crijn Pietersz Plavey(er), jongeman wonende in Vlaardingen, overleden in Oostindië.
NOTEN

De Heer Ing. H. den Boer te Voorburg ben ik zeer erkentelijk voor de door hem ter beschikking gestelde Vlaardingse aantekeningen. De kwartiergegevens van VI (Claes Ariensz Jonge Trapper), maar vooral van VIIb (Claes Claesz Jonge Trapper en zijn nageslacht) zijn voornamelijk aan zijn archief ontleend.

Zie voor de verwijzingen het originele artikel.


Klik hier
Click here
 @  om een reactie te sturen
to send a reaction

IntroductieHome | Welkom | Verantwoording | Bronnen en Links
GenealogieTekstoverzichten | Grafische overzichten | Verwante families
DiversenAchtergronden | Familiewapens | VOC | Andere info (geen genealogie)